Sociaal Klimaatfonds
Financiering van het Sociaal Klimaatfonds
Toewijzing van het SCF
Besteding van het Sociaal Klimaatfonds
Een beperkt bedrag, maximaal 37,5 % van het fonds, kan worden besteed aan tijdelijke directe inkomenssteun, aangezien veel investeringen, zoals de renovatie van een woning of de verbetering van een openbaarvervoerslijn, meerdere jaren in beslag kunnen nemen. Gedurende die periode worden kwetsbare huishoudens die voor die investeringen afhankelijk zijn van overheidssteun, blootgesteld aan de CO2-prijs, en kan financiële steun nodig zijn.
Nog eens 2,5 % is beschikbaar voor het houden van openbare raadplegingen, communicatieactiviteiten, het uitvoeren van studies of het verlenen van technische bijstand en capaciteitsopbouw voor uitvoerende instanties. Deze categorie kan trainingen omvatten om te zorgen voor een goed beheer van het fonds en de verwezenlijking van de doelstellingen ervan, of het opzetten van “one-stop-shops” om burgers te helpen bij het overwinnen van moeilijkheden om gebruik te maken van overheidsregelingen met betrekking tot woningrenovatie.
Sociaal Klimaatplan
Een positieve beoordeling leidt tot een besluit van de Commissie waarin alle informatie met betrekking tot de uitvoering van het SCP wordt uiteengezet, met inbegrip van de maximale financiële toewijzing en de nationale bijdrage. De uitbetaling van de financiering is afhankelijk van het bereiken van de mijlpalen en doelstellingen die in het plan zijn vastgelegd. De lidstaten kunnen verzoeken om de uitbetaling tweemaal per jaar, waarbij de eerste betalingen in 2026 van start gaan. De lidstaten zijn verplicht hun SCP’s te wijzigen indien deze niet langer haalbaar zijn of aanzienlijke aanpassingen vereisen. De Commissie kan het gewijzigde plan afwijzen nadat zij de lidstaat in de gelegenheid heeft gesteld verslag uit te brengen over haar bevindingen en uitleg te geven over de discrepanties.
Het sociale klimaatplan voor elke lidstaat moet het volgende bevatten:
- Een raming van de verwachte effecten van prijsstijgingen als gevolg van de invoering van ETS2, met name in verband met energie- en vervoersarmoede.
- Een schatting en identificatie van het aantal kwetsbare huishoudens, micro-ondernemingen en vervoersgebruikers (zowel openbaar vervoer als privévoertuigen).
- Concrete beleidsmaatregelen en investeringen die zijn gepland om de negatieve effecten van de prijsstijging op deze doelgroepen te verminderen, met inbegrip van tijdelijke inkomenssteun en maatregelen voor decarbonisatie op lange termijn.
- Mijlpalen, streefdoelen en indicatoren om de uitvoering en voltooiing tegen medio 2032 te volgen.
- Kosten van het plan en een toelichting op hoe de kostenefficiëntie wordt gewaarborgd.
- Uitleg over hoe het plan voldoet aan het beginsel “geen significante schade berokkenen”.
- Gedetailleerde informatie over de publieke consultatieprocessen die zijn gebruikt om het plan op te stellen. Er moet een publieke consultatie worden gehouden met lokale en regionale autoriteiten, vertegenwoordigers van economische en sociale partners, relevante maatschappelijke organisaties, jongerenorganisaties en andere belanghebbenden. Het plan zelf moet een samenvatting van deze consultaties bevatten, die door de Commissie bij haar beoordeling in aanmerking zal worden genomen.

